Vraag 1
Het eiwit p53 is een transcriptiefactor die de synthese van cycline-cdk inhibitor
reguleert.
*Wanneer word deze p53 geactiveerd en hoe?
*Welke overgang in de celcyclus zal na p53 tijdelijk niet mogelijk zijn?
*Wat zal er gebeuren als p53 op een dusdanige wijze gemuteerd raakt dat het
zijn functie verliest?
Vraag 2
Gedurende de anaphase worden chromosomen uit elkaar getrokken om zodoende gedupliceerd
DNA te scheiden. Daarbij is zowel de activatie van de kinetochore noodzakelijk
als de depolymerisatie van de microtubuli.
*Wat voor activiteit wordt er bedoeld en wat veroorzaakt de depolymerisatie?
Tijdens anaphase I/II van de meiose kan zogenaamde trisomy of monosomy optreden.
*Wat is dat? (maak hierbij onderscheid tussen autosomale en seks chromosomen).
*Hoe zit het met de levensvatbaarheid van die gevallen?
Vraag 3
Stel dat tijdens de prophase I de kans van recombinatie 100 procent is en er
maar 1 chiasma is per chromosoompaar.
*Hoe groot is de kans dat er een chromosoom zonder recombinatie van de grootvader
in het kleinkind komt? Geef een schematische uitleg en een korte tekst die het
schema verklaart.
*Zal de kans veranderen als er per homoloog chromosoompaar op twee of op drie
plaatsen recombinatie mogelijk is?