Tuberculose

definitie: infectie met Mycobacterium tuberculosis

Oorzaken:
De bacterie is afkomstig uit kleine druppeltjes die ontstaan als iemand met open TBC (tuberculose) moet hoesten. De druppeltjes met bacterie kunnen redelijk lang in de lucht van de besmette patient hangen en zich zia de lucht verspreiden. Als er iemand in de buurt is, ademt hij de bacterien op.

Primo infectie:
Na inademing ontstaan er in de alveoli (kleinste onderdelen van de long) in de onderste en middenste longkwabben subpleuraal (net onder het longvlies) kleine ontstekingshaarden. De mycobacterieen worden echter "opgegeten" door macrofagen (cellen die van alles opruimen in het menselijk lichaam). In de lysosomen (zeg maar buik) van de macrofagen kunnen de bacterien zich echter goed vermenigvuldigen. De macrofaag kan de bacterie met zich mee brengen en brengt ze meestal naar de dichtsbijzijnde lymfeklieren, waar ook ontstekingen ontstaan. Na 2-8 weken ontstaat er een betere afweer tegen de bacterien en worden ze ingekapseld (geheel heet tuberkel of granuloom). De granulomen kunnen verkazen en openbreken, waardoor er weer een nieuwe patient met open TBC ontstaat.

Secundaire infectie (ftisis, tering):
Ontstaat meestal vanuit ontstekingshaarden in de bovenste longkwabben (vaak aan beide longen). Het effect zijn holtes in de longen, fibrose (verbindweefseling), verlies van longvolume, bronchiectasien, pleura (longvlies) verdikking.

Miliaire tuberculose:
Soms groeien ontstekingshaarden in de longen door naar de bloedvaten en kunnen de mycobarcerieen zich door het hele lichaam verspreiden. Meestal gaan de bacterieen in de meningen (wat meningitis ofwel hersenvliesontsteking geeft), hersenen, lever, milt, nier, beenmerg, gewrichten, darmen, bijballen (epididymis), buikvlies (peritoneum), pleura (longvlies), en retina (netvlies) zitten.

Pleura effusie:
Ontstaat door doorgroei van infectiehaarden in de pleura (longvlies)

Bronchus obstructie:
Kan ontstaan door doorgroei van een lymfeklier haard.

Incubatietijd:
8 weken tot levenslang

Besmettelijkheid:
Besmetting kan plaatsvinden tijdens het hoesten. Na drie weken adequate anti-TBC behandeling is een patient niet meer besmettelijk. Let wel dat de therapie dan effectief moet zijn geweest.


Meldingsplicht:
Ziekte van groep B. Melden aan GGD verplicht.

Frequentie:

Risicofactoren:

Verschijnselen:
Sommige patienten hebben geen verschijnselen
Anderen hebben:
Lusteloosheid
Hoesten
Sputum productie (slijm opgeven)
Haemoptoe (bloedhoesten)
Verhoging (net geen koorts)
Gewichtsverlies
TBC ontwikkelt zich erg langzaam en kan soms na jaren pas manifest worden.

Als de TBC buiten de longen zit horen daar de verschijnselen bij van schade door infectiehaarden in de aangedane organen (zoals hematurie bij nierschade, verzakking en rugpijn bij wervelschade, pijnloze zwelling in de hals bij lymfeklierinfectie)
Onbehandeld is TBC dodelijk

Complicaties:

Diagnostiek:
X-thorax
Ziehl-Neelser kleuring om de bacterie aan te tonen in het sputum. Het kan ook via
PCR van het sputum materiaal
Mantouxtest (slechts ondersteunend voor de diagnose)
Bloedkweek duurt 2-8 weken, nodig voor het bepalen van de gevoeligheid van tuberculostatica
Bij gebrek aan sputum kan bronchiale lavage gebruikt worden
Hb (anemie is mogelijk in een gevorderd stadium)
Leuco's (in een gevorderd stadium verhoogd)
ASAT, ALAT, gamma-GT (leverfunctie kan verminderd zijn)
Bij milliaire tuberculose kunnen biopsieen genomen worden van de extrapulmonale haarden
Ook kunnen voorkomen: K (laag), Na (laag), Ca (hoog), albumine (laag)
Erythema nodosum op de strekzijde van de onderbenen kan voorkomen

Behandeling:
Bij een patient met TBC moet een behandeling gestart worden die tenminste 6 maanden duurt en bestaat uit een intensieve fase en een vervolgfase.
Intensieve fase:
Combinatie van 4 verschillede middelen word gegeven gedurende een twee maanden. isoniazide (INH. Kinderen 6mg/kg, volwassenen 300mg), ethambutol (15-25mg/kg), pyrazinamide (20-30mg/kg) en rifampicine (10mg/kg). Denk aan de bijwerkingen! Resistentie is groot.
Vervolgfase:
Behandeling gedurende 4 maanden met isoniazide en rifampicine. Indien onvoldoende effect, behandeling verlengen, andere middelen toevoegen of de patient isoleren.

Er bestaat een vaccin tegen TBC (BCG-vaccin), echter de dekking is niet 100%.

Belangrijk is het screenen van alle mensen die in de buurt waren geweest van een TBC patient. Behandeling van die mensen is aan te raden.

Controle:

Extra informatie:
Mycobacterium bovis ka ook de oorzaak zijn van TBC. Deze komt nauwelijks meer voor en ontstaat meestal als een secundaire infectie bij oudere mensen. Klachten kunnen diarree en darmkrampen zijn. Bij HIV infecties kan de TBC atypisch en veel uitgebreider voorkomen.
 

Terug naar EncyMed <<