Refeeding syndrome

definitie: Refeeding syndrome

Oorzaken:
Dit syndroom ontstaat na het plotseling gaan voeden van mensen die zwaar ondervoed zijn. Dit zien we niet alleen bij de uitgemergelde mensen uit arme landen, maar ook bij patienten met anorexia nervosa, alcoholisme, kanker, neurogene dysfagie, sondevoeding of na een ingrijpende operatie. De verschijnselen ontstaan meestal 4 dagen na de start van de voeding. Na het toedienen van voedsel ontstaan een plotselinge daling van fosfaat, magnesium en kalium. Er ontstaat ook een enorme toename van het extracellulaire vocht.

Het probleem ontstaat door het abrupt overschakelen van een vet en eiwit metabolisme naar een koolhydraat metabolisme. Als gevolg van het aanbod van voedsel, worden glucose, kalium, fosfaat en magnesium direct opgenomen in de cellen, die daar tijdens de verhongering een tekort aan hadden. Hierdoor ontstaat er in het serum een tekort aan deze electrolieten.
Het tekort aan electrolieten en de retentie van vocht leiden tot een vergroot slagvolume, versnelde pols en een groter zuurstof verbruik. De toegenomen prodcutie van CO2 vraagt om een toegenomen ventilatie.
De ademhalingsspieren zijn door verhongering geatrofieerd en kunnen het tempo niet bijhouden. Dyspnoe en tachypnoe zij het gevolg.
De motiliteit van de darmen is door de verhongering erg laag geworden. Ook de productie van enzymen is afgenomen. Er is tijd nodig om de darmen weer te laten wennen aan de voedsel toevoer. Indien die tijd er niet is, zal de patient klagen over misselijkheid en diarree.
De energie in de cellen wordt gegenereerd door ATP. Voor de vorming van ATP is ADP en fosfaat nodig. In de verhongerde patient is daar een tekort aan in de cellen. Door toediening van fosfaat via de voeding zal er een plotselinge shift van fosfaat van het serum naar het intracellulaire compartiment ontstaan. Hierdoor is het serum fosfaat uiteindelijk te laag. Dit kan een scala aan levendsbedreigende aandoeningen veroorzaken, waaronder: hartfalen, arrytmieen, rhabdomyolyse, respiratoir falen, convulsies, coma, erythrocyt- en leucocyt dysfunctie.

Frequentie:

Risicofactoren:

Verschijnselen:

Complicaties:

Diagnostiek:

Behandeling:
Beginnen met een correctie van de electrolieten (zoals 50 mmol fosfaat i.v. gedurende 24 uur bij een patient die minder dan 0,5 mmol/L heeft). Tegelijkertijd langzaam de voeding opbouwen. De electrolieten moeten iedere dag gemeten worden.

Controle:

Extra informatie:

 

Terug naar EncyMed <<