Diabetus mellitus type II (DM II)

definitie: te hoog glucose gehalte in het bloed

Oorzaken:
Non Insulin Dependent Diabetes Mellitus. Hierbij is er een verminderde gevoeligheid voor insuline de veroorzaker van het probleem.
Oozaken voor het ontstaan van de ongevoeligeid zijn: puberteit, polycysteus ovarium syndroom (PCOS), cystische fibrose, hemochromatose, chronische pancreatitis, Cushing syndroom, glucagon uitscheidende tumoren, catecholaminevormend feochromocytoom, geneesmiddelen (glucocorticoiden, HIV protease inhibitors, cyclosporine)

Risicofactoren:
Risico op DMII lopen mensen die: overgewicht hebben, DM in de familie hebben, bepaarde etniciteit (Afrikanen, Spanjaarden, Asiaten, Indianen), laag geboortegewicht (en later snelle inhaalgroei).

Verschijnselen:
Geen verschijnselen of:
Polydipsie (veel drinken)
Polyurie (veel plassen)
Nycturie ('s nachts plassen)
Gewichtsafname
Moeheid
Lusteloosheid
Langzame wondgenezing
Vaginale afscheiding

Bij hypoglycemie (ernstig insuline tekort, komt minder vaak voor bij DMII dan in DMI):
Zweten, angst, hartkloppingen, trillen.
Bij nog lagere glucosewaarden wordt men eerst vergeetachtig, concentratievermogen neemt af. Daarna lusteloosheid, coma, convulsies, dood.

Bij ketoacidosis:
Naast de verschijnselen bij DMII ook:
Misselijkheid, braken, diepe en snelle ademhaling met een ketongeur (Kussmaulademhaling), droge slijmvliezen, snelle pols, buikpijn, uiteindelijk verlaagd bewustzijn, coma, dood.

Complicaties:
Visus klachten (problemen met het zien), kan uitlopen in cataract, diabetische retinopathie of blindheid
Nefropathie (nier ziekte)
Neuropathie (zenuwschade)
Atherosclerose

Diagnostiek:
-Nuchtere glucose (na 12 uur niet te hebben gegeten. Glucose boven de 7 -> DM. Glucose tussen de 5,6-6,9 is IFG, wat over kan gaan in DM)
-Niet nuchtere glucose (boven de 11,1 -> DM. Glucose tussen 7,8-11 is IGT wat over kan gaan in DM)
-Creatinine
-HbA1c (ter controle van de glucose waardes die de patient moet meten)
-regelmatig micro-albumine in de urine meten (indien constant tussen de 30-300 is het een aanwijzing voor nierschade)
-DM patienten dienen ieder jaar te worden onderzocht door een oogarts. Ook een keer direct na ontdekken van DM.
-Minstens ieder jaar voetonderzoek naar ulcus cruris en neuropathie.

Behandeling:
Zie voor acute behandeling (bij ketoacidose of hypoglycemie, het kopje Diabetes Mellitus acuut)

Niet medicamenteuze behandeling (hiermee beginnen, tenzij het niet haalbaar is en als er aan complicaties zijn opgetreden) :
-gezonde voeding (brood met vleesbeleg, veel groente, veel fruit (minimaal 2 stuks per dag), vlees en vis) verwijzing naar diƫtist
-stoppen met roken
-meer lichaamsbeweging

Medicamenteuze behandeling
Bloeddruk op pijl houden (streefwaarde onder de 130-80mmHg). Zie hypertensie voor de behandeling
Cholesterol laag houden (simvastatine 20 mg per dag)

Bij retinopathie lasertherapie
Bij nefropathie glucoseregulatie, bloeddruk instellen, ACE-remmers

Bij een QI>27
Stap 1
Monotherapie:
-metformine 500 mg, 3dd (of 850 mg 2dd), na 10-15 dagen dosering verhogen tot 3g/d

Stap 2
Combinatietherapie
-metformine met kortwerkend SU-derivaat (tolbutamide*, gliclazie** tabl. 80 mg)
-metformine met meglitinide of thiazolidinedion
*tolbutaide. Geeft hypo's en in het begin van de behandeling visus stoornissen. 500 mg voor of tijdens het ontbijt, zonodig elke 4 weken verhogen met 500 mg tot maximaal 2 gram per dag (1 gram bij het ontbijt en 1 gram bij het avondeten)
**gliclazide. Geeft hypo's en in het begin van de behandeling visusstoornissen. 80 mg 1dd voor of tijdens de maaltijd. Na 4 weken eventueel 80mg extra tot maximaal

Stap 3
(thiazolidinedion stoppen andere orale medicatie continueren) NPH-insuline of mix-insuline toedienen 10 IE 1 dosis daags. Streefwaarde nuchter 4-7 mmol/L. Elke 2-3 dagen wijzigen volgens schema:
nuchtere bloedglucose >10 mmol/l: verhoog met 4 IE;
nuchtere bloedglucose 7-10 mmol/l: verhoog met 2-4 IE;
nuchtere bloedglucose 4-7 mmol/l: continueer dezelfde dosering;
nuchtere bloedglucose <4 mmol/l of nachtelijke hypo: verlaag met 2-4 IE

Stap 4
(metformine continueren, thiazolidinedionen staken). 80% van de eenmalige dosis uit stap 3 nemen. Geef 2/3 voor het ontbijt en 1/3 voor het avondeten. Streefwaarde nuchter 4-7 mmol/L.

Stap 5
Alleen voor ervaren artsen. Viermaal daags insuline toedienen. 80 % van de totale dagdosis insuline verdelen over 3 x 20% kort/snelwerkende insuline voor de maaltijden en 1x 40% langwerkende insuline voor de nacht.

Bij stabiele glucosewaardes 1x per 3-6 maadnden HbA1c en glucose meten.

Bij een QI<27
Stap 1
Monotherapie:
-Tolbutamide of gliclazide 80 mg

Stap 2
Combinatietherapie
-metformine met kortwerkend SU-derivaat (tolbutamide*, gliclazie** tabl. 80 mg)
*tolbutaide. Geeft hypo's en in het begin van de behandeling visus stoornissen. 500 mg voor of tijdens het ontbijt, zonodig elke 4 weken verhogen met 500 mg tot maximaal 2 gram per dag (1 gram bij het ontbijt en 1 gram bij het avondeten)
**gliclazide. Geeft hypo's en in het begin van de behandeling visusstoornissen. 80 mg 1dd voor of tijdens de maaltijd. Na 4 weken eventueel 80mg extra tot maximaal

Stap 3
(thiazolidinedion stoppen andere orale medicatie continueren) NPH-insuline of mix-insuline toedienen 10 IE 1 dosis daags. Streefwaarde nuchter 4-7 mmol/L. Elke 2-3 dagen wijzigen volgens schema:
nuchtere bloedglucose >10 mmol/l: verhoog met 4 IE;
nuchtere bloedglucose 7-10 mmol/l: verhoog met 2-4 IE;
nuchtere bloedglucose 4-7 mmol/l: continueer dezelfde dosering;
nuchtere bloedglucose <4 mmol/l of nachtelijke hypo: verlaag met 2-4 IE

Stap 4
(metformine continueren, thiazolidinedionen staken). 80% van de eenmalige dosis uit stap 3 nemen. Geef 2/3 voor het ontbijt en 1/3 voor het avondeten. Streefwaarde nuchter 4-7 mmol/L.

Stap 5
Alleen voor ervaren artsen. Viermaal daags insuline toedienen. 80 % van de totale dagdosis insuline verdelen over 3 x 20% kort/snelwerkende insuline voor de maaltijden en 1x 40% langwerkende insuline voor de nacht.

-Bij stabiele glucosewaardes 1x per 3-6 maadnden HbA1c en glucose meten.

-Bij zwangerschap stoppen met bloedglucose verlagende middelen en insuline instellen

Terug naar EncyMed <<